john verhoeven content strategie

Europees Sociaal Forum: ’traditioneel politiek denken past niet bij deze nieuwe beweging’ (analyse)

Door John Verhoeven

(2004, OnzeWereld)

INTRO
Politieke partijen die willen samenwerken met de andersglobalisten, zullen zichzelf deels opnieuw moeten uitvinden. Hun traditionele denkkaders en werkwijze sluiten niet meer aan bij de nieuwe, ongeschreven regels van de mondiale burgerbeweging. Het partijprogramma kan alvast de prullenbak in. 

Het Europees Sociale Forum in Parijs leverde eind vorig jaar een interessant schouwspel op: de openlijke vrijage van vrijwel alle Franse politieke partijen – behalve extreemrechts – inclusief vakbonden en boerencoöperaties met de andersglobalisten.
Deze traditionele vertegenwoordigers van volk en arbeiders deden een serieuze poging aansluiting te vinden bij de 35.000 leden van vele honderden maatschappelijke en politieke bewegingen, die daar bijeen waren om over eerlijke globalisering te praten. Het was een duidelijk teken dat gevestigde belangenorganisaties en de nieuwe mondiale burgerbeweging snel naar elkaar toegroeien.

Globalisering in zwaar weer

Dat wordt tijd: de neoliberale variant van globalisering die tot nu toe het proces domineerde, is inmiddels in zwaar weer beland.

De negatieve effecten van deze vorm van globalisering op de kwaliteit van samenlevingen en milieu roepen inmiddels wereldwijd zoveel weerstand op, dat de voorstanders het ook niet meer precies weten. De huidige globalisering maakt misstanden niet alleen zichtbaar, ze vergroot deze ook. De kloof tussen arme en rijke burgers groeit, schoon water en energie worden onbetaalbaar voor grote groepen wereldburgers, de druk op betaalbare gezondheidszorg, onderwijs en huisvesting neemt toe. Het zijn uitvloeisels van een proces waarin de belangen van rijke exportlanden, grote bedrijven en financiële markten stevig zijn verankerd, en die van de burger worden weggedrukt.

De mondiale burgerbeweging heeft een cruciale rol: het wordt nu tijd voor handelen, zo klonk eenstemmig bij de afsluitende sessie in Parijs. Een beter moment om bij de andersglobalisten op het podium te klimmen zullen de Nederlandse politieke partijen voorlopig niet meer krijgen. 

Inpluggen in deze ‘multitude’

Hoe kunnen politieke partijen zich manifesteren in zo’n ‘multitude’ van burgerorganisaties?

Eén vorm van ‘inpluggen’ hebben we al kunnen beleven. Kleine, extreemlinkse splinters proberen hun marxistische erfenis opnieuw leven in te blazen, ze zien in deze beweging een nieuw vehikel voor hun oude ideologie. Eindelijk is hier dan de langverwachte mondiale opstand van de volken tegen het kapitalisme! Maar, zoals ik al eerder opmerkte: de invloed van deze groepen is marginaal. Niet zozeer visueel — het zijn vaak handige organisatoren van protest –, maar vooral inhoudelijk: ze venten een eenduidige ideologie uit die teruggrijpt op marxistische en leninistische concepten. Ze benaderen deze ‘beweging der bewegingen’ alsof het een ‘massa’ is, een groep met uniforme belangen die in gesloten rijen moeten optrekken tegen de gemeenschappelijke vijanden van de ‘arbeidersklasse’.

Het is een valse romantiek, die de machteloosheid en de marginalisering verhult van politieke modellen waarvan, in de woorden van de Franse liberale krant Le Figaro, ‘de houdbaarheidsdatum al bijna een halve eeuw is verstreken’.

Het falen van de sociaal-democratie

Je zou zelfs kunnen zeggen dat de mondiale burgerbeweging juist is ontstaan als gevolg van het falen van de sociaal-democratie op mondiale schaal.

Niemand heeft de rechten van de mondiale burger kunnen beschermen tegen de nadelige gevolgen van een neoliberale globalisering. Elke politieke partij die op dit podium een rol wil, zou zich eerst eens moeten afvragen: waar waren we toen de regels werden vastgesteld waarmee de huidige vorm van rechteloze mondialisering in gang werd gezet?  Een beetje bescheidenheid is dus wel op zijn plaats. En los van symbolische aanwezigheid: het zou partijen vooral moeten gaan om hun effectiviteit in plaats van om het naar buiten toe uitdragen van hun idealen.

Op de vraag hoe partijen zich zouden kunnen manifesteren, is geen eenduidig antwoord te geven. Een paar suggesties kan ik wel geven. Politieke spelers zullen even dynamisch, pragmatisch, en niet-hiërarchisch dienen te zijn als de burgerbeweging zelf. Wie zich op basis van macht wil manifesteren, kan beter thuisblijven, want deze beweging is er allergisch voor. Belangrijker is een goede interne organisatie die afwijkende meningen niet zozeer tolereert, maar werkelijk verwelkomt. Verder is een centralistische organisatievorm misschien wel handig voor die organisatie zelf, voor intern gebruik, maar niet voor het externe optreden.

Een organisatie zoals Al Qaeda

Naar buiten toe dient het juist een tamelijk diffuse organisatie te zijn met een losjes geschreven gezamenlijke doelstelling maar met betrekkelijk onafhankelijk van elkaar opererende kleine sub-eenheden. Deze kleine, autonome cellen stellen de partij in staat zich gemakkelijk op zowel mondiaal als op het allerkleinste lokale niveau te manifesteren. Uiteraard staan de cellen met elkaar in verbinding, maar er is een grote mate van autonomie, en niet alle beslissingen aangaande allianties en uitvoerend beleid dienen te worden voorgelegd aan ‘het hoofdkantoor’ zo dat al bestaat.

Het is een organisatiemodel dat nog het meest wegheeft van, inderdaad, Al Qaeda. Verbonden door ideologie en strategie, maar tamelijk vrij in de uitvoering.

Datzelfde geldt ook voor de mondiale burgerweging zelf. Wat door regeringen, vakbonden en politieke organisaties vaak als haar grote zwakte wordt gezien – het ontbreken van centraal gezag, hiërarchie, van duidelijke beslislijnen – is in werkelijkheid de kracht. Elke deelnemer heeft een eigen autonome speelruimte, kan invloed uitoefenen op de gang van zaken. De betrokkenheid is dus groot. De dynamiek van de cellen bepaalt de voortgang van het geheel, zowel in tempo als in richting. 

Rechten, gelijkheid, en tegen privatisering

Welke richting? In de beweging leeft een brede waaierd aan doelstellingen, de agenda is lang.

Op elk onderdeeltje zien de allianties er weer anders uit. Maar de hoofdpunten op de agenda zijn tamelijk helder. Er zijn inmiddels tientallen concrete mondiale campagnes gaande (vaak met eigen websites). Campagnes op het vlak van allerlei mensen- en burgerrechten, zoals recht op arbeid onderwijs, gezondheidszorg, betaalbare huisvesting, voor eerlijke handelskansen en biologische, kleinschalige landbouw tegen privatisering van publieke voorzieningen, tegen de dominantie van het internationale bedrijfsleven.

Elke politieke partij die wil meespelen, kan een paar speerpunten uitkiezen en zich op basis van gelijkwaardigheid aansluiten bij tientallen andere groepen die dezelfde keuze hebben gemaakt. Eén ding staat vast: het partijprogramma kan in de la blijven. Aan het traditionele politieke concept van een allesomvattend ideologisch wereldbeeld, een Grote Politieke Theorie, heeft de mondiale burgerbeweging geen behoefte. 

Pim Fortuyn

Welke politieke partij durft zoveel opportunisme en non-ideologie aan? Het antwoord lijkt vooralsnog niet te komen uit de kringen van het politieke establishment.

Misschien komt het wel uit de hoek van binnenlandse dissidenten die openlijk ontevreden durven zijn over het functioneren van het huidige politieke stelsel. Ze zouden een Fortuyn-achtige revolte kunnen beginnen, maar dan zonder diens populisme, dwars door de oude politieke lagen heen. Met als voornaamste agendapunt: opkomen voor de belangen van de burger. Van álle burgers: de boer in Bolivia, de werkloze in het Rotterdamse Charlois, de schoolmeester in Kabul, de tandarts in Kaapstad. Die burgers hebben meer gemeen dan we denken.

Zo’n partij kan zich dankzij mondiale allianties net zo gemakkelijk inspannen voor de Boliviaanse burger, als op lokaal niveau voor de kwaliteit van de kinderopvang. Dit is geen onhaalbaar scenario. 

De visie van Rob Oudkerk

Over zo’n nieuwe partij is zelfs al eens in het openbaar gemijmerd, door de Amsterdamse PvdA-wethouder Rob Oudkerk.

Deze openlijke partijdissident bepleitte een nieuw soort partij, niet eentje met een allesomvattende ideologie en een groot politiek vergezicht, maar een partij die tot haar taak rekent permanent de temperatuur te meten van de samenleving. Een partij die zich faciliterend opstelt, zonder de ballast van een ideologie, met als enige opdracht de wensen van de burger te vertalen in beleid.

Dat op lokaal gebied behoefte is aan zo’n partij is al duidelijk. En op mondiaal vlak is de behoefte ook evident. Er staat een mondiale beweging van miljoenen bezorgde burgers klaar om de vraag naar politieke bewegingen van vernieuwing te onderstrepen. Wie nu nog twijfelt aan zo’n beweging, heeft een paar jaar niet zitten opletten.

(Verschenen in februari 2004, OnzeWereld)


Lees ook mijn verslag van het World Social Forum 2005 in Brazilië of de analyse van het Eerste Europees Sociaal Forum in Florence.
Dit artikel maakt deel uit van mijn journalistieke archief over globalisering en internationale samenwerking. Bekijk hier de andere reportages, verslagen en analyses.


This work is licensed under CC BY-NC 4.0